Frederique van der Wal
Marie Claire, 2004

“Jezus zeg, dit is weer zo typisch Nederlands,” lacht Frederique van der Wal (35) nadat ze is afgesnauwd door de barman van het lunchcafé waar we zitten. “Je vraagt gewoon of de muziek wat zachter kan, omdat we bezig zijn met een interview, zegt-ie: ‘Het is hier wel een café hoor.’ In Amerika zouden ze zeggen: ‘Natuurlijk. Wat leuk, een interview, waar is het voor?’” Hoofdschuddend en nog nagrinnikend zet ze zich achter haar cappuccino en verse jus.


 


Switch van huis en haard


Het is slechts één van de dingen die haar opvallen tijdens haar een maand durend verblijf in Nederland. Ze heeft een switch gemaakt, van huis en haard, met een Amsterdamse vriendin. Haar vriendin bewoont met man en kinderen het riante appartement down town New York, Van der Wal verblijft met man, filmproducent en scenarioschrijver Nicholas Klein, en dochter Scyler Pim (4) in een karakteristiek pand aan de Egelantiersgracht. “Met uitzicht op de Westertoren. Vanaf het dakterras zie ik de toeristen zo in de rij staan voor het Anne Frankhuis, Amsterdamser kan het haast niet, hè?”


Sinds haar verhuizing naar New York, op haar achttiende, is ze niet meer zo lang in Nederland geweest. “Ik kom hier nog wel regelmatig hoor, voor werk of familie- en vriendenbezoek, maar nooit langer dan een paar dagen. Het is grappig om te merken hoe snel je weer ingeburgerd bent. Ik heb er een paar dagen over gedaan om te aarden, bij de eerste druilerige dag, dacht ik: oh ja, zo was het, maar nu fiets ik over de grachten alsof ik nooit ben weggeweest.”


 


Den Haag


Niet dat Frederique ooit in Amsterdam heeft gewoond. Ze groeide op in Den Haag, in de chique wijk Marlot naast Wassenaar, waar ze een beschermde jeugd had die gevuld was met hockey, tennis en vriendinnen. Haar ouders scheidden toen ze acht was, maar traumatiserend was dat niet. Moeder Pim hertrouwde en zowel Frederique als haar één jaar oudere broer Michiel konden het prima met hun stiefvader vinden. Na de basisschool ging Frederique naar het vwo, waar ze een goede leerling was. Alles verliep voorspoedig. Tot in haar eindexamenjaar bij haar stiefvader een kwaadaardig gezwel werd ontdekt, hij overleed twee maanden later. Een half jaar later stierf haar vader aan de gevolgen van een hartaanval en niet lang daarna werd bij haar moeder een ernstige ziekte geconstateerd, waar ze een jaar later aan overleed. Frederique: “Ik wilde weg. Zo ver mogelijk weg. Ik had net de Elite Look of the Year gewonnen en met dat contract op zak, vertrok ik naar New York. Waar ik de eerste vijf jaar keihard heb gewerkt. Ik wilde even helemaal niks met Nederland te maken hebben, het deed te veel pijn.”


 


Voor het eerst weer genieten


Het is voor het eerst dat ze weer in Nederland kan zijn en kan genieten zonder dat de pijnlijke herinneringen overheersen. “Dat heeft er alles mee te maken dat ik hier met man en kind ben en in Amsterdam verblijf en niet in Den Haag, waar zoveel teruggrijpt naar het verleden. Ik zit hier in het nu. Toen Scyler vijf maanden was, móest ik naar Nederland met haar. Ik was net moeder geworden en mistte mijn ouders verschrikkelijk. Het was een heel dubbel gevoel. De pijn van het gemis was enorm, maar werd meteen gevuld door de liefde die ik voor mijn dochter voelde. Om dat te kunnen doorvoelen, nam ik Scyler mee naar mijn geboorteland. Zo liet ik haar toch een beetje zien. Op Schiphol aankomen terwijl mijn ouders daar niet stonden, was ontzettend moeilijk. Ik ben naar mijn tante gegaan, de zus van mijn moeder en daar kwam alle pijn die ik al die jaren had geprobeerd weg te stoppen naar boven. Je moet erdoorheen en dat doe ik ook, dat heelt, maar het lukt me nu met Amsterdam en mijn gezin als uitvalsbasis beter dan een paar jaar geleden.”


Frederique heeft haar dochter laten zien waar ze is opgegroeid. “We reden door Marlot en ik zei: ‘Kijk, hier heeft mama gewoond.’ ‘Jouw mama is dood, hè,’ zei ze meteen. Kinderen zijn daar altijd zo eerlijk in. Scyler mijmerde nog even hardop door met vragen als ‘Waar is ze dan?’ en ‘Waarom dan?’ en toen zei ze: ‘Ik mis haar’. ‘Ik ook,’ fluisterde ik, ‘maar ze zit wel een beetje in jou hoor.’ ‘Ja, want ik heet Scyler Pim,’ klonk het toen heel opgetogen vanaf de achterbank.” Zo rondrijdend door haar oude buurtje kwam de ene herinnering na de andere boven. Hoe ze door weer en wind naar de hockeyclub fietste en de opwinding die ze voelde als het autoloze zondag was. “In New York denk ik nooit aan dat soort gekke details, maar daar in Den Haag, op de plekken waar ik ben opgegroeid, kwam alles weer boven. Natuurlijk was het ook pijnlijk. Ik had mijn dochter bij me, die zou ik zo graag aan mijn ouders willen laten zien.”


 


Nederlandse nuchterheid 


Van der Wal wil haar dochter zoveel mogelijk meegeven van de nuchtere, Hollandse opvoeding die ze zelf heeft gehad. “Dat ben ik aan haar verplicht. Ze is half-Nederlands, het is een onderdeel van haar identiteit.” Natuurlijk, Frederique probeert zoveel mogelijk van haar Nederlandse achtergrond te behouden door de meubels en het zilverwerk om haar heen, die ze uit het ouderlijk huis over heeft laten komen, het in ere houden van de Nederlandse feestdagen en de dropjes en hagelslag die ze bij Kaas & Co in Connecticut bestelt. Ze spreekt Nederlands met haar dochter en heeft een Nederlandse au pair, maar dat is allemaal toch anders dan Nederland voelen, proeven en ruiken. Daarom heeft ze deze switch gemaakt. “De eerste avond dat we hier waren aten we bij een vriendin een tartaartje met krieltjes en appelmoes. Heel fijn. We hebben poffertjes gegeten, ik heb Scyler witte asperges laten proeven, maar die vond ze minder, we hebben veel gefietst en we zijn naar Mijendal en het strand gegaan. Maar het meest geniet ze nog van het in- en uitlopen bij vriendinnetjes uit de buurt. Ze heeft hier een buurmeisje dat ook vier is, waar ze de eerste week al kon blijven mee-eten. Dat kennen we toch echt niet in New York, waar je zelfs een sleutel nodig hebt om de buurtspeeltuin in te mogen.”


 


Naar school


Scyler gaat hier ook naar school, de Theo Thijssen school. Waar sommige Amsterdamse ouders hun postcode falsificeren om maar in het toelatingsgebied van de gewilde basisschool te kunnen vallen, had Van der Wal haar plek zo geregeld. “Dat is het voordeel van zo’n ruil, Scyler kon op de plek van het zoontje van mijn vriendin.” Het wennen ging makkelijk. Scyler is al zo gewend om met haar moeder mee op reis te gaan en nieuwe mensen te ontmoeten, dat ze zich ook hier moeiteloos aanpaste. “De eerste dag keek ze me nog wel even aan van: waar laat je me nu achter?, maar al snel zag ze het als een ervaring en had ze vriendjes en vriendinnetjes die het heel interessant vonden, zo’n meisje dat straks weer teruggaat naar Amerika en opeens allemaal thuiskwamen met Engelse woorden. De juf heeft er ook maar meteen een Amerika-project van gemaakt. Ach ja, ik vind het heerlijk die school, het doet me zo aan vroeger denken. Die jasjes allemaal naast elkaar, in Amerika heeft ieder kind zijn eigen locker, en de speelplaats gewoon voor de deur. Dat zou in New York toch echt niet kunnen, veel te gevaarlijk, daar is alles lawsuitproof.”


Frederique weet nog niet wat haar dochter allemaal oppikt van deze reis. “Ik vind het gewoon belangrijk dat ze Nederland ondervindt. Dat ze voelt hoe open en gezellig de mensen hier met elkaar omgaan, dat ze ervaart hoe vrij Nederlandse vrouwen zich voelen, ook in hun lichaam. Amerikaanse vrouwen gaan bijvoorbeeld heel krampachtig om met naaktheid. Die zullen nooit naakt door de badkamer lopen of naar de wc gaan waar hun kind bij is. Ik wil haar leren dat dat normaal is. Natuurlijk leert ze het ook van mij, maar als ze het dan ook nog hier ondervindt, denk ik dat die ervaring een hele gezonde nuance zal brengen in de Amerikaanse invloeden die ze ongetwijfeld ook meekrijgt.”


 


Dat calvinistische...


Wat haar irriteert aan het Nederlandse is de ‘Doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg’-houding. “Dat calvinistische. Waarom moet er altijd een ‘ja, maar’ zijn? Het is zo lekker om ‘ja, en’ te horen. Nederlandse vrienden vragen me wel eens hoe ik het uithoud in New York. Dat komt doordat daar de deuren open blijven gaan. Ik ben heel nieuwsgierig van karakter en vind het leuk om dingen te ondervinden en dat kan daar. Er wordt veel wijder en grootser gedacht. In mogelijkheden, niet in beperkingen en hokjes. Als jij een eigen vliegtuig wilt hebben, kan dat. In Nederland bellen mensen de kliklijn als de buurman opeens een grotere auto heeft.”


Toch sluit Frederique niet uit dat ze ooit nog eens terugkomt. “Als Bush voor de tweede keer herkozen wordt, moet ik wel, ik ben het zo oneens met zijn politiek. Bush wil niet vooruit, maar achteruit. Jarenlange strijd voor vrouwenemancipatie probeert hij teniet te doen door de abortuswet te willen veranderen, de traditional family values waar hij voor staat. Natuurlijk zijn familiewaarden goed, maar hij misbruikt ze om vrouwen weer achter het aanrecht te krijgen. Kijk maar naar zijn eigen vrouw, dat is toch het prototype van een Stepford wife? Bush heeft de wereld veranderd met zijn politiek. Na 9/11 was er een hoop goodwill, iedereen stond achter de world campaign against terrorism. Maar toen haalde hij Saddam erbij, die niks met Al Quaida te maken heeft, en loog over massavernietigingswapens. Alleen maar om die oorlog in Irak te kunnen rechtvaardigen. Hij heeft tweespalt gezaaid in de wereld, er is meer segregatie dan ooit. Ook in Nederland. Wat dat betreft heeft het weinig zin om hierheen te komen. De hele wereld zit in een ongemakkelijke situatie, overal is dreiging van terrorisme. En de angst daarvoor bevordert het wij-zij-denken alleen nog maar meer.”


Voorlopig zit ze hier nog even en geniet ze met volle teugen. “Nicholas vindt het ook helemaal geweldig, Amsterdam inspireert hem enorm. Ik vind het geruststellend om te merken dat ook al heb ik het heel druk in New York, ik er toch even zo uit kan stappen en dit kan ervaren. Hier heb ik het over twintig jaar nog over. Leuke klussen komen in het rijtje werk, maar deze ervaring neem ik voor de rest van mijn leven mee.”


 


Over Frederique 



Frederique van der Wal werd op 30 augustus 1967 in Den Haag geboren. Na de basisschool ging ze naar het Maerlant Lyceum, waar ze het vwo deed. Op haar zeventiende won ze de Nederlandse finale van de Elite Look of The Year-modellenwedstrijd en de internationale wedstrijd in Mauritius. Ondanks het mega-contract dat Elite haar bood, besloot ze eerst eindexamen te doen, maar toen ze in anderhalf jaar tijd zowel haar stiefvader als haar vader en moeder verloor, vertrok ze alsnog naar New York om aan een glansrijke carrière als model te beginnen. Ze sierde de covers van Cosmopolitan, Marie Claire, Vogue en Harper’s Bazaar en was negen jaar lang het gezicht van lingeriegigant Victoria’s Secret. De laatste jaren werkt ze nog steeds als model, maar vooral als entrepreneur van haar eigen merknaam. Ze had een lingerielijn, een badpakkenlijn en een parfum, acteerde in commercials en vijf speelfilms en produceert en presenteert diverse televisieprogramma’s.